Beginpagina
Nederlandse Vereniging tot Integratie van Homoseksualiteit COC Leiden · COC Leiden is lid van de federatie COC Nederland
Banner
Banner

De Fransche Kroon

Hartevelt-jeneverSinds 1985 huist COC Leiden — aanvankelijk nog niet onder die naam — in het pand aan de Langegracht 65. Een pand met geschiedenis: het is zelfs het oudste nog bestaande fabrieksgebouw van Leiden! Jarenlang was hier de jeneverstokerij Hartevelt & Zoon gevestigd. De naam van het pand, De Fransche Kroon, komt terug in de titel van het verenigingsblad en natuurlijk aan Bar-dancing De Kroon, de naam waaronder de horeca-activititeiten van COC Leiden verenigd zijn.


Hartevelt & Zoon
Monument van Leidse jenever


Het oudste fabrieksgebouw van Leiden staat aan de Langegracht. Vanaf de hoek van de Zandstraat ziet de voorbijganger een rijtje van drie pakhuisgevels en een oud kantoorpand, een gevelwand die sinds 1817 niet meer wezenlijk is veranderd. Hier was tot 1967 de 'N.V. Distilleerderij "De Fransche Kroon", voorheen Hartevelt & Zoon' gevestigd.

Gevelsteen De Fransche KroonBoven de lage deur in de middelste pakhuisgevel prijkt een met lelies versierde kroon, een oude gevelsteen die verwijst naar de naam van het bedrijf: 'De Fransche Kroon'.

Op deze plek werd al jenever gestookt voordat in 1817 de drie pakhuizen verrezen. Abraham Hartevelt, afkomstig uit Voorschoten, kocht namelijk in 1780 de branderij, die hier sinds 1734 onder de naam 'De Fransche Kroon' in bedrijf was. Zijn zoon Johannes koos voor een ander vak: hij ging van branden over op distilleren. Hij was ook de man die in 1817 het bedrijf uitbreidde met het kantoorgebouw en de drie pakhuizen aan de Langegracht. Toen Johannes kort na de uitbreiding stierf, verdween de vaart uit de onderneming. Tegen het einde van de negentiende eeuw waren de installaties en het niveau van de jaarlijkse jeneverproductie sinds 1817 vrijwel onveranderd gebleven. De industriële revolutie, die ook in Leiden ingrijpende gevolgen had zoals de opkomst van grootschalige fabrieken en de exploitatie van kinderen, ging aan de deur van 'De Fransche Kroon' voorbij.

In 1890 kwam Jacob Abrahamszoon aan het bewind en begon weer een periode van bescheiden groei. Jacob Abrahamszoon, van de zesde generatie Hartevelt, stierf in 1917 zonder opvolger in de familie. De firma Hartevelt werd toen omgedoopt in de 'N.V. Distilleerderij "De Fransche Kroon", voorheen Hartevelt & Zoon'.

Een zeer succesvol ondernemer toonde zich Lucas Verkoren, die in volle crisistijd, in 1931, directeur van de N.V. Hartevelt werd. Verkoren was een man met een grote culturele belangstelling en in zijn vrije tijd een bevlogen kunstschilder. Hij woonde aan de Oude Singel 144. Zijn tuin achter de distilleerderij, met de enige vijgenboom van Leiden, geniet nu nog faam bij oudere stadsgenoten. Door het overnemen van andere distilleerderijen, onder andere de Leidse firma T.H. Ritman & Co. en door het lanceren van nieuwe producten, wist Verkoren de omzet van Hartevelt in de periode van 1931 tot 1939 bijna te verdubbelen, terwijl de totale Nederlandse omzet van gedistilleerd in die periode daalde met vijftig procent.

Tot de nieuwe producten van die jaren dertig behoorde 'Zeer oude Hartevelt', lange tijd het belangrijkste product van Hartevelt. Daarnaast hield Verkoren vast aan traditionele jenevers zoals het 'Leids type', een harde en scherpe borrel, speciaal voor Leidse kroegen waar de klandizie 'een prikkel in de keel' verlangde.

Dankzij de ondernemerskwaliteiten van Verkoren verwierf Hartevelt een goede marktpositie. In de periode van welvaart na de oorlog bereikt Hartevelt de derde plaats in de rangorde van vaderlandse distilleerderijen. Op de eerste plaats troonde Bols, een reus met een marktaandeel van ongeveer vijftig procent. Deze gigant aasde op zijn kleinere mededinger en toen het gebrek aan ruimte aan de Langegracht de verdere groei van de Leidse distilleerderij belemmerde, leek een overname onvermijdelijk. Bols deed een zeer aantrekkelijk bod op de aandelen Hartevelt. De kleine kring van aandeelhouders, vooral familieleden van Hartevelt, accepteerde dit bod en na bijna tweehonderd jaar van zelfstandig bestaan ging Hartevelt over in handen van Bols.

De gemeente Leiden kocht in 1971 het complex en in 1983 kwam het geheel op de gemeentelijke monumentenlijst. Op het ogenblik maken diverse culturele groepen en non-profitorganisaties, onder andere het COC, gebruik van het gebouw. Het Hartevelt-complex is een goed voorbeeld van een industrieel monument dat een succesvolle herbestemming kreeg.


Met toestemming van de redactie overgenomen uit:
Wibo Burgers (red.), Het spoor van de industriële revolutie in een Hollandse stad. Een wandeling langs twintig monumenten van bedrijf en techniek in Leiden, Leiden: Primavera Pers & Stiel, 2002.
Bookmark and Share